Rouw-begeleiding van ouders na suïcide van hun kind

grayscale photo of hands holding

Door Karin Fens van Gaal

Rouwen mag dan wel een beginpunt kennen, zolang we leven is er géén eindpunt. Ik zou rouwen dus kunnen omschrijven als de zoektocht naar een andere vorm van liefde of verbondenheid.

Het overlijden van een kind is een zeer ingrijpende gebeurtenis voor ouders. Een kind hoort niet eerder te sterven dan zijn ouders. Het verlies van een kind en dan ook nog door suïcide is per definitie zeer traumatisch. Toch heeft niet iedere ouder begeleiding nodig. Dit heeft te maken met een hoop factoren: hechtingstijl, coping-stijl, verhoogde kwetsbaarheid voor angst/spanning/depressie, de steun van je omgeving, de manier waarop het gebeurd is, of je het aan hebt zien komen of dat het totaal onverwacht was, de afloop erna (afscheidsbrief/filmpje of …). enz.  

Onderstaand schema laat zien dat er een ruime marge zin tussen complexe en normale rouw. 

Rouwreacties

Vele emoties en reacties kunnen volgen op het overlijden van een dierbaar persoon van de rouwende. Er is een aantal veel voorkomende reacties, maar dit verschilt enorm per persoon. Ook de intensiteit van reacties kan sterk verschillen. Deze kan zeer intens zijn, maar het kan ook zijn dat rouwenden amper reageren op het verlies. Daarnaast kan er sprake zijn van zeer verschillende reacties in hetzelfde gezin, bijvoorbeeld tussen de vader en de moeder. Eigenlijk is alles in eerste instantie normaal, iedereen reageert op zijn eigen manier op een groot verlies. Dit laat zich niet inperken in ‘hoe het hoort’. De meest voorkomende reacties zijn:

  • Verdriet is de meest voorkomende reactie na een overlijden. Echter de één huilt continu, de ander doet dit in stilte.
  • Woede, boosheid, geïrriteerdheid. Weinig kunnen hebben van andere mensen in de omgeving. Maar ook boosheid op degene die een fout gemaakt heeft en daardoor de dood van de overledene heeft veroorzaakt, of niet heeft voorkomen.
  • Angst dat hetzelfde gebeurt met andere gezinsleden, angst voor de toekomst.
  • Schuldgevoelens zoals ‘had ik toch maar …. gedaan, dan hadden we daar nog fijne herinneringen aan gehad, of was hij/zij er misschien nog geweest’.
  • Opluchting kan ook een reactie zijn..
  • Dromen en nachtmerries die te maken hebben met de overledene. Dit kan als zowel prettig als beangstigend ervaren worden.
  • Gezondheidsproblemen ontstaan vaak doordat de algehele weerstand van de rouwende is afgenomen, maar ook door spanning en stress: hoofdpijn, buikpijn, misselijkheid, slaapproblemen, verminderde eetlust, het oplopen van een infectie.
  • Eenzaamheid komt bij veel rouwenden terug. Dit is met name het geval als mensen in de omgeving niet begrijpen hoe de rouwenden zich voelen. Dit kan aanwezig zijn ondanks steun uit de omgeving. Rouwenden voelen zich vaak niet begrepen in hoe zij zich precies voelen.
  • Concentratie- en geheugenproblemen komen regelmatig voor. Door de vele emoties, door alles wat op rouwenden afkomt, kan het zijn dat zij zich moeilijker kunnen concentreren. Rusteloosheid kan hieruit voortvloeien omdat rouwenden het moeilijk vinden zich te kunnen concentreren op iets.
  • Lusteloosheid komt ook regelmatig voor. Rouwenden kunnen het niet opbrengen om iets te doen, zich alleen al aan te kleden bijvoorbeeld. Ze zijn ook minder geïnteresseerd in alles wat in hun omgeving gebeurt.
  • Depressiviteit kan ontstaan door een combinatie van lusteloosheid, wanhoop, uitzichtloosheid en gedachten aan zelf dood willen; ‘het leven heeft geen zin meer’.

De volgende symptomen bij rouwenden kunnen wijzen op complexe rouw als ze na de eerste 3-6 maanden nog sterk aanwezig zijn:

  • De rouwende vindt het erg moeilijk om te praten over de overledene of wil er continue over praten.
  • De rouwende vertoont snel veranderende gemoedsstemmingen, met ook agressief gedrag dat blijft aanhouden of destructief wordt.
  • De rouwende vertoont angst met betrekking tot levende gezinsleden of de rouwende gaat fobisch gedrag vertonen.
  • Er is sprake van somatische klachten zoals hoofdpijn en maagpijn, die blijven aanhouden.
  • Er is sprake van slaapproblemen of nachtmerries die maanden aanhouden.
  • Er is sprake van eetproblemen: zowel overmatig eten als slecht eten.
  • De rouwende heeft aanhoudende schuldgevoelens en maakt zichzelf verwijten.
  • Aanhoudend terugtrekgedrag: de rouwende isoleert zich van de omgeving.
  • De rouwende vertoont risicogedrag, zelfdestructief gedrag of uit doodsverlangen.

Bron: JGZ richtlijnen

Bestaat complexe rouw eigenlijk wel?

De herziene DSM-5, het classificatie handboek van de psychiatrie, erkent langdurige rouw als zelfstandige stoornis. Ik ben niet zo van de diagnoses en hokjes. Als jij voelt dat het verlies normaal functioneren chronisch hindert of onmogelijk maakt dan wordt het wellicht tijd om eens met een hulpverlener te gaan praten. Volg hierbij vooral je eigen gevoel. 

Mijn werk als psychosociaal therapeut m.b.t. rouwbegeleiding 

Rouw is geen probleem dat kan worden opgelost, het verlies kan niet worden goedgemaakt, de overleden zoon of dochter kan niet worden teruggebracht. Het voortdurend present zijn bij -en getuige zijn van diepe pijn en wanhoop, het geconfronteerd worden met traumatische verhalen, beelden en emoties laat mij niet onberoerd. Bovendien heb ik het zelf meegemaakt. Zie mijn blog hierover. Een goede zelfreflectie, zelfzorgstrategieën en daarnaast mijn gevoelens van dankbaarheid, eigenwaarde, hoop, betekenis, kracht en persoonlijke groei, maken dat ik dit werk heel fijn vind om te doen. Ik maak gebruik van verschillende methodieken waaronder ook het rouwprotocol van de EMDR en oefeningen uit de cognitieve gedragstherapie.

Het allerbelangrijkste is echter de band tussen de cliënt en ik. Waarbij ik van het principe uitga: eerst eren, dan repareren.